the header image
Derde op een NK! Hoe Amsterdam mijn beste prestatie ooit werd

Derde op een NK! Hoe Amsterdam mijn beste prestatie ooit werd

0 Share

Derde op een NK! Hoe Amsterdam mijn beste prestatie ooit werd

Bijna een jaar geleden besloot zo ongeveer drie kwart van mijn trainingsgroep de Amsterdam Marathon te gaan lopen dit jaar. Ik dus ook. Niet geheel zonder toeval vond dit jaar wede ...

Bijna een jaar geleden besloot zo ongeveer drie kwart van mijn trainingsgroep de Amsterdam Marathon te gaan lopen dit jaar. Ik dus ook. Niet geheel zonder toeval vond dit jaar wederom het NK marathon plaats vanuit het Olympisch Stadion en dus schreef ik me hier voor in. En hoe dit uitpakte… [Sorry, ’t is een longread, maar de titel verklapt al vrij veel voor degenen die niet verder willen lezen]

Een lange voorbereiding

Tussen mijn tweede en derde marathon had ik anderhalf jaar de tijd genomen om toe te werken naar mijn doel. Een marathon onder de 3 uur. En dat was gelukt in Valencia vorig jaar, waar ik een leeuwensprong maakte qua PR en met 2:53:14 uitermate gelukkig was. Wat kon daar nog af?! In een jaar zou ik flink moeten doortrainen. Mijn eerste idee was om toch voor een tijd onder de 2:50 te gaan. Een nieuw doel was een top 10 positie op het NK in mijn leeftijdsklasse (40-45 jaar). Op basis van mijn tijd in Valencia absoluut realistisch. In de eerste maanden van het jaar deed ik mijn wedstrijden, van een 3.000 meter op de baan tot een halve marathon. Maar geen moment had ik het idee echt lekker in vorm te komen. De 10km in Schoorl was misschien wel mijn beste wedstrijd in die periode. Een derde plek bij de halve marathon van Amstelveen waarschijnlijk mijn mooiste wedstrijd dit voorjaar. En winst pakken op de incourante 5,2km van AV Aalsmeer mijn eerste keer op de hoogste trede van het podium. Maar goed, nergens dus in een echt lekker of soepel lopende wedstrijd. Toch gingen er ook veel trainingen goed en besloot ik met enkele anderen om voor Amsterdam 3:55 als trainingstempo te hanteren. Mijn streeftijd stelde ik bij: ergens tussen de 2:48 en 2:45. Te ambitieus?!

Het schema begint..

Aangezien we vier weken met een camper door Scandinavië zouden reizen besloot ik het schema iets vroeger te laten starten door intensiever te trainen in de weken voor aanvang van het officiële programma. Een gekneusde rib hielp niet helemaal mee, maar gaf me wel de kans mijn racefiets wat vaker van stal te halen. In het late voorjaar/begin van de zomer deden we verder veel lange duurlopen in de duinen. Begin augustus had ik me ingeschreven voor een halve marathon in Noorwegen en ook daar wilde ik goed aan de start staan. Op 16 juli begon vervolgens het gezamenlijke schema met al die andere loopgroep-genoten. Na nog geen twee weken in Nederland met enkele pittige trainingen vertrokken we echter al richting het noorden. Mijn doel was stevig doortrainen wanneer het kon zonder te veel impact op de reis. En dat lukte aardig. Al geloof ik dat Babette anderhalf uur wachten op een parkeerplaats aan de rand van het plaatsje Kongsvinger niet helemaal zag als de ultieme vakantie… Daar liep ik wel een van mijn mooiste wedstrijden ooit. Een bijzonder parcours, een soort trailrun, met vele hoogtemeters en slechts een paar honderd meter verhard. Met als resultaat een 9e overall tijd en 2e positie in mijn categorie (het podium en bijbehorende prijs heb ik overigens gemist). Niet slecht voor een plattelander 🙂

De bloktrainingen

Het meest gevreesde onderdeel van ons schema zijn de bloktrainingen. Langere intervallen van 10 tot 20 minuten met 4 tot 6 herhalingen op marathontempo. Uit voorgaande ervaringen wist ik dat dit de killer trainingen zijn. Ze maken of breken je. Dit keer begon het goed. De eerste twee verliepen best goed, zelfs met een tempo dat nog iets hoger lag dan gepland. En zelfs de eenzame rondjes om Legoland, dat lang nog niet open was om half acht in de ochtend, gingen goed op het geplande tempo. Zonder compleet dood te gaan en vervolgens nog een hele middag uit te lopen in het pretpart. Vorm leek zich te vormen. Ook in de laatste weken, waarin de kers op de taart, 5 x 20 minuten op marathontempo op de agenda stond, deden zich geen noemenswaardige problemen voor. Ja het was zwaar. En ja ik was vermoeid. Maar ja, dat mocht. Zeker in de eerste week van mijn leven dat ik op een weektotaal boven de 100 kilometer uitkwam.

De laatste krachtmeting

Na de Kongsvinger halve marathon had ik slechts één andere wedstrijd gepland in mijn voorbereiding. Dat was de Utrecht Singelloop. Best een groot evenement met veel snelle lopers en nog veel meer publiek. Twee weken voor Amsterdam kon ik hier bepalen hoe ik er voor stond. Het voelde allemaal wel prima en een goede race zou dit op een fijne manier bevestigen. Een goede race dat werd het. We liepen met een grote club van onze Phanos groep. Ik voelde me sterk, starte samen met Steven en Marius, maar koos al snel mijn eigen tempo. Daardoor liep ik mezelf niet over de kop en had ik uiteindelijk een zeer steady race. Met een eindtijd van 35:23 (netto tijd) was ik super tevreden. Ook met een derde plek in mijn leeftijdscategorie, gezien de sterkte van het veld.

En dan Amsterdam…

Het schema vloog om in no-time. Het ‘taperen’ verliep vervolgens zonder noemenswaardige problemen en ook de verbrandingsloop deed wat ie moest doen. Alleen nog even wat koolhydraten stapelen in de laatste dagen.. En toen werd het zondag… Ik ontmoette Erik vrijwel direct toen ik uit de bus stapte. We waren ruim op tijd. Althans, dat dachten we.. Na het inleveren van de tas begaven we ons naar de ingang van het stadion om ons bij de rest van de groep in het eerste startvak te voegen. De menigte met lopers hoopte zich op. We stonden stil en keken wat er aan de hand is. Honderden, nee duizenden lopers werden in de verte door een opening van 2,5 meter breed geperst. Ik voelde de zenuwen oplopen. De tijd drong en er zat absoluut geen beweging in. Ik zou toch niet (en met mij vele anderen) de start missen. Mijn eerste NK marathon en startend vanuit het eerste vak. Het zweet brak me uit. Na 20 minuten geklungel kwam er één heldere geest op het idee om de ook een tweede hek open te zetten. De massa kwam langzaam in beweging en we druppelden het stadion in. In het vak ontmoetten we de rest. Op Steven na. Als Engelsman deed hij niet mee met het Nk en op basis van zijn eindtijd startte hij in de tweede wave. We high-fiven en spraken elkaar moed in en wensten elkaar succes. Wat een bijzondere groep en hoe mooi kan sporten zijn door samen hier te mogen starten.

De eerste helft

Het startschot klinkt. Samen met Marius, Jasper en Erik vertrekken we op 3:55. De eerste kilometers is het zoeken naar dat tempo, we corrigeren elkaar en proberen in het ritme komen. Jasper stopt voor een sanitaire stop in het begin van het Vondelpark, maar is ongekend snel weer terug. We lopen het park uit, onder het Rijks door en richting Amsterdam Zuid. Maar nog geen 10 kilometer en de groep is al gebroken. Ons pact heeft niet lang standgehouden. We zouden tot circa 30 proberen bij elkaar te blijven. Marius is de eerste die wegloopt en ik hang al snel tussen Marius en Jasper en Erik. Ik wil niet terugzakken. Ik loop sneller dan gepland, maar het voelt goed. De hartslag is prima en ik voel me sterk. Het is meer inhouden dan echt doorlopen. Het gat met Marius is echter al te groot geworden. Dichtlopen zie ik niet zitten dus pak ik mijn eigen tempo. Onderweg zie ik bekenden die me aanmoedigen. Wouter, Martijn, twee mede-groepsgenoten moedigen aan en geven tips. We komen bij de Amstel en ik loop alleen. Hoewel er niet veel wind is loop je hier toch redelijk onbeschut. Ik zie een groep met Marius voor me, zo’n 30 meter verwijderd. Dat gat loop ik toch dicht en ik maak gebruik van de beschutting van de groep. Bij de molen staan Babette, Julien en Michael met zijn kinderen. Hoe fijn om hen te zien. Ik voel me nog beter. Bij de brug van Ouderkerk staat mijn moeder en zie ik nog meer bekenden. Dat is dus de kracht van Amsterdam. Zo veel bekenden, start en finish in ‘mijn eigen’ stadion en lopen met een topgroep van talentvolle lopers.

Het mentale spel

De eerste helft kom ik door in 1:22:23. Maar ik weet dat de echte wedstrijd nog moet beginnen. De wedstrijd met mezelf, met mijn benen, met mijn gedachten en met de vermoeidheid. Ik laat de groep, waar ik met wind tegen dankbaar gebruik van maakte, los aan de aan de andere kant van de Amstel. Ook Marius verdwijnt daarmee weer langzaam uit zicht. Ik moet mijn eigen race lopen en kies het tempo dat goed voelt. Nog steeds iets sneller dan gepland. Babette en Julien staan bij de brug. Ze maken me blij. Wanneer ik de Amstel verlaat en we het oersaaie deel van de route op het industrieterrein bij de van der Madeweg bereiken loop ik alleen. Voor me enkele losse lopers. Achter me boeit me niet zo. Ik focus me op de lopers en probeer ze langzaam een voor een binnen te halen. Dat lukt best aardig. Het zijn er enkele waarmee we langs de Amstel nog een hecht groep vormde. We komen bij Diemen. Ook hier is de route allesbehalve spectaculair. Het wordt zwaarder. Ik nader de 30 en het lichte is er vanaf. We komen weer de stad in. Dat is fijn, maar ik weet ook dat we hier nog wat klimwerk te doen hebben. Ik probeer mijn gedachten te controleren. Denk terug aan de trainingen. Prachtige trainingen in Noorwegen en Zweden. Bloktrainingen met de groep om de bosbaan. Al die intervallen op de baan in het Olympisch Stadion. De duurlopen waarvan de langste over dezelfde route. Het helpt. Het tempo vasthouden is het doel.

De laatste kilometers

Ik nader de Mauritskade en hoor Jasper ineens naast me. Hij ziet er fris uit. Zijn trainingen verliepen makkelijker dan de mijnen. En dat betaald zich uit. Lang kan ik niet van zijn gezelschap genieten. Ik wens hem succes wanneer hij zichtbaar gemakkelijk van me wegloopt. De klim bij de Stadhouderskade hakt er in. Groepsgenoot Bart doemt voor me op. Hij was van plan op 2:40 te lopen, maar ziet er niet goed uit. Ik voel me ook alles behalve fris, maar kan redelijk volhouden op het tempo rond de 3:55, het tempo wat het oorspronkelijke plan ook was. Wanneer ik Bart achter me laat zijn we al bijna terug bij het Rijksmuseum. Dat doet me goed, vanaf hier is het nog ‘even’ het Vondelpark door en terug naar het stadion. Het is bijten nu. Vastbijten in het tempo en niet verzwakken. Hier zie ik Ruud, ook hij heeft het zwaar en ik passeer hem. Ik kom uiteindelijk Vondelpark door. Het klimmetje aan het einde voelt inmiddels als de Mt. Everest. Maar ik verslap niet veel. Met een gemiddelde van 3:57 liep ik van kilometer 35 naar kilometer 40. Nu nog het laatste stuk. Op papier is het niks. Een paar rondjes baan stel ik me voor. Maar oh shit, wat is dit zwaar. Mijn besef van de omgeving verlaat me. Wanneer ik bij het stadion kom hoor ik mijn naam. Ik zie niemand. Alleen de weg voor me. Het stadion in, het tartan op. Ik verbijt me. De tijdsweergave komt in zicht. Ik zie 2:44 nog iets. Ik zet aan. Zie de finish, enkele groepsgenoten. Het is voorbij. Het is gelukt. En meer dan dat. Ik heb onder de 2:45 gelopen! 2:44:49 om precies te zijn. Mijn doel behaald! Niet alleen mijn benen lopen vol. Wat een ontlading.

 

Waar is het podium?

Nadat ik bijgekomen ben en de eerste woorden heb gewisseld met mijn groepsgenoten en hardloopvrienden (van wie ik hoor dat Erik helaas is uitgestapt met een blessure) neem ik mijn medaille in ontvangst en ga ik op zoek naar een medewerker. Ik wil weten of ik ergens in de buurt van het podium in de masters categorie 40-45 ben geëindigd. Niemand kan me iets vertellen. Ik vraag waar de prijsuitreiking is en wordt naar buiten het stadion verwezen. Daar is niets. Ja veel mensen, Babette en Julien en patat. Ik laat mijn medaille graveren en weet dat de ceremonie voorbij is. Op naar Café Hans dan maar voor de after biertjes met de groep. De volgende ochtend hoor ik pas (van Jasper) dat ik 3e ben geworden. Ik had zelf ’s avonds gekeken maar zag een 14e plek. Dat bleek in totaal in de leeftijdscategorie inclusief de vele buitenlandse lopers. Drie dagen later krijg ik de officiële bronzen NK medaille thuisgestuurd. De kleinste maar meest dierbare medaille in mijn collectie!

Arjen Kroder is freelance Project Manager/ Scrum Master en richt zich met name op de ontwikkeling van digitale tools en platforms. Hij loopt sinds 2012 en heeft in 2015 zijn eerste marathon uitgelopen. Arjen is een Strava-addict en segmentenjager.

Geef een reactie

Close
%d bloggers liken dit: